Praktijk digitaal: Grafische organizers

De organizer Gedragspatroongrafiek
De organizer Gedragspatroongrafiek

Grafische organizers vormen een handig instrument om leerlingen tijdens de les actief mee te laten doen of om ze na de instructie informatie overzichtelijk te laten rangschikken. In deze bijdrage van Praktijk leg ik uit wat grafische organizers zijn en hoe je deze kunt inzetten tijdens de les. Twee grafische organizers zijn als kopieerblad in deze JSW opgenomen. Ik leg ze uit aan de hand van het boek Blauwe Plekken van Anke de Vries (1992).

Een grafische organizer is een visuele weergave van geleerde of gelezen informatie, waarbij relaties tussen feiten, concepten of ideeën worden gelegd door de leerling. Een grafische organizer begeleidt en ondersteunt het denken van de leerling, terwijl deze zo’n organizer invult en het denken over een onderwerp visueel maakt. Bekende grafische organizers zijn het Venn-diagram en het stroomdiagram. In deze Praktijk wordt stilgestaan bij twee grafische organizers: de ‘gedragspatroongrafiek’ en ‘overeenkomsten en verschillen’. Van deze twee organizers zijn ook kopieerbladen afgedrukt: kopieerblad 1 en kopieerblad 2.

Gedragspatroongrafiek
De Amerikaanse schrijver Kurt Vonnegut (1922-2007) heeft aan de wieg gestaan van de ‘gedragspatroongrafiek’ (zie kopieerblad 1). Hij kwam tot het inzicht dat veel verhalen uit de wereldliteratuur eenzelfde patroon volgen. Denk hierbij aan sprookjes als Assepoester, waar de hoofdpersoon na aanvankelijk ongelukkig te zijn geweest, omdat ze als huissloof fungeerde, zeer gelukkig wordt als ze met de prins danst op het bal. Als de betovering wordt verbroken, valt ze weer terug in doffe droefenis, hoewel ze kan teren op de herinnering aan een fijne avond. Maar gelukkig loopt het verhaal goed af als het glazen muiltje alleen aan haar voet blijkt te passen. Dat verhaal zette Vonnegut in een grafiek. Ook leerlingen kunnen de ontwikkeling van een verhaal, waarbij de gevoelens en gedachten van de hoofdpersoon centraal staan, uitstekend weergeven in een gedragspatroongrafiek. Leerlingen uit groep 6/7 van de Alan Turingschool hebben samen het eerste hoofdstuk uit Blauwe Plekken gelezen en de personages die in dit hoofdstuk voorkomen, te weten Judith, Dennis en moeder, in de grafiek geplaatst. Lees op p. 28 hoe de kinderen in jouw klas dit zouden kunnen doen.

De organizer Overeenkomsten en verschillen
De organizer Overeenkomsten en verschillen

Overeenkomsten en verschillen
Een tweede handige organizer heet ‘overeenkomsten en verschillen’. Deze lijkt op een Venn-diagram, maar biedt meer mogelijkheden tot verdieping. In deze organizer worden overeenkomsten en verschillen tussen twee onderwerpen of personages in een verhaal tegenover elkaar gezet. Wat deze organizer onderscheidt van een Venn-diagram, is dat de verschillen door leerlingen gecategoriseerd worden. Zo wordt van leerlingen gevraagd om nauwkeuriger en specifieker te kijken naar hoe twee onderwerpen van elkaar verschillen. Op kopieerblad 2 staat deze organizer afgedrukt.

Blauwe plekken
‘Het was weer zover. Judith hoorde het aan de manier waarop de voordeur werd dichtgeslagen; aan de stappen op de trap.’ Dit is het begin van het aangrijpende kinderboek Blauwe Plekken. In het eerste hoofdstuk vindt, na de dreigende introductie, een heftige confrontatie plaats tussen Judith, de hoofdpersoon van Blauwe Plekken, en haar moeder. Judith wordt door haar razende moeder zo mishandeld dat ze even buiten westen raakt. Het is de opmaat van een boek waarin een jong meisje zich probeert te ontworstelen aan de stelselmatige mishandeling van haar moeder. In dit eerste hoofdstuk komt naast Judith en haar moeder ook haar jongere broertje voor. Zij beleven allemaal op hun eigen wijze en met eigen emoties de confrontatie tussen Judith en haar moeder. Op de foto hierboven is te zien hoe leerlingen van groep 6 deze emoties en gevoelens van de drie personen hebben uitgewerkt. Op de horizontale as staat het tijdsverloop. Op de verticale as wordt door middel van smiley’s het gevoel van de personage weergegeven. Hoe hoger de lijn, hoe beter het personage zich voelt.

Lezen, tekenen en discussiëren
Door telkens terug te kijken in de tekst en door te bepalen wat van invloed is op de verandering van het gevoel van de hoofdpersoon kan een patroon worden gemaakt. Bij elke verandering (stijging dan wel daling) tekenen de leerlingen de situatie bij de lijn. Zo ontstaat er een gedragslijn die ondersteund wordt door de tekeningen die erbij zijn gemaakt. Dit is mooi te zien op de afbeelding hierboven. De schoen die Judiths broertje Dennis in het badwater gooit, zorgt bij hem voor vreugde, terwijl Judith de reactie van haar moeder al kan voorspellen. Het maken van een gedragspatroongrafiek lukt erg mooi op A3-papier. Het geeft de leerlingen meer ruimte om te tekenen en te schrijven. En er kunnen meerdere lijnen van personages in de gedragspatroongrafiek worden opgenomen. Het is waardevol om leerlingen met elkaar in gesprek te laten gaan over hun gedragspatroongrafiek. Het bespreken van overeenkomsten en verschillen en het daarbij teruglezen in de tekst en daarover discussiëren, helpt het begrip van de verhaallijn te versterken.

Voorbij de Venn-diagram
Leerlingen in de bovenbouw zijn over het algemeen gewend om in een Venn-diagram overeenkomsten en verschillen te noteren. Kopieerblad 2 biedt een verdieping op dit Venn-diagram. Naast dat leerlingen overeenkomsten en verschillen noteren, wordt ze gevraagd om de verschillen te categoriseren. Laten we nog even teruggaan naar het boek van De Vries. In hoofdstuk 4 wordt uitgebreid stilgestaan bij het leven van Judiths klasgenoot en vriend Michiel. Hij verliest op zesjarige leeftijd zijn moeder, verhuist met z’n vader naar de Verenigde Staten, kan moeilijk leven met de prestatiedruk die zijn vader hem oplegt en loopt op een gegeven moment zelfs weg. Zijn tante ‘bevrijdt’ hem van het juk van zijn vader door Michiel mee terug te nemen naar Nederland. Op de afbeelding op deze pagina is te zien hoe leerlingen de levens van Judith en Michiel met elkaar hebben vergeleken. Maak hier groepswerk van, zodat er discussies ontstaan over de categorieën waarin Judith en Michiel verschillen en begrippen zoals mishandeling worden besproken. Ik heb ze hierbij eerst individueel een Venn-diagram laten maken en deze laten overzetten op kopieerblad 2.

Klik hier om de Praktijkbijdrage te downloaden zoals gepubliceerd in het januarinummer van JSW.

Wil je verder lezen maar heb je nog geen abonnement? Klik dan hier.
Heb je een abonnement en wil je digitaal verder lezen? Klik dan hier.